Een sappig verhaal

, diëtist 18 januari 2017

‘Ik hoorde dat ik beter fruit kan eten dan vruchtensap drinken’, zegt Marga. ‘Hoe zit dat nu, Anke?’ Het is woensdagochtend en een groep hartrevalidatiepatiënten zit tegenover mij. Het gebruik van voldoende groente en fruit maakt de kans op hart- en vaatziekten kleiner, vertel ik. Maar wat is nu beter? Fruit of vruchtensap?

De eerste reden dat fruit in vaste vorm beter is dan in vloeibare vorm heeft te maken met verzadiging.

  • In de oertijd dronken mensen uit rivieren. Aangezien cola-rivieren en appelsap-rivieren niet bestaan, was dat altijd water. Daarom ‘denkt’ ons lichaam als we iets drinken dat het ‘gewoon’ water is.
  • Er gaat geen seintje naar de hersenen dat er calorieën binnenkomen in het lichaam. Je krijgt dus niet snel een vol gevoel van dranken waar suiker in zit. Zo kun je ongemerkt veel calorieën binnenkrijgen.
  • Eet je vast fruit, dan moet je dat kauwen en komt de vaste voeding in maag en darmen. Zo gaat er wél een signaal naar de hersenen dat je moet stoppen met eten, omdat het genoeg is.

De grote boodschap

De tweede reden dat vast fruit beter is, heeft te maken met vezels en suiker.

  • In vast fruit zitten voedingsvezels. Die zijn belangrijk voor de stoelgang, maar bijvoorbeeld ook voor het binden en afvoeren van het overtollige cholesterol in de darm. Bij het drinken van vruchtensap krijg je minder voedingsvezels binnen dan bij het eten van fruit.
  • Veel mensen gebruiken voor een glaasje sinaasappelsap niet één sinaasappel, maar minimaal drie. Daardoor komt ook de suiker uit drie stuks fruit in het glaasje sap terecht. Je drinkt dat zonder moeite op, terwijl je waarschijnlijk niet snel drie sinaasappels achter elkaar zou eten. Zelfs als er dus geen suiker wordt toegevoegd aan het vruchtensap krijg je zo meer suiker binnen.

Marga is blij met de uitleg en gaat haar sapje voortaan vervangen door fruit. Alleen als variatie maakt ze nog af en toe een smoothie.